2007 november

Manga vaart wel bij namaakindustrie

Bernardette, 30 november, 2007

In de voorlaatste editie van Wired werd uitgebreid aandacht besteed aan het fenomeen Manga (een Japans stripverhaal). Manga is momenteel een hype aan het worden in Europa en Amerika, onder andere vanwege talloze verfilmingen van de stripverhalen. Ook in Japan is de strip nog altijd ongekend populair. Toch hebben uitgevers van Manga in de afgelopen jaren de omzet zien verminderen. Lees hieronder hoe de Japans manga-industrie met behulp van een alternatief businessmodel een bredere afzetmarkt creëert.

Terwijl films van getekende superhelden zoals Superman, Spider-Man en Sin City steeds weer volle bioscoopzalen weten te trekken, is het armoe troef in de markt van het gedrukte stripboek in de Verenigde-Staten. Beroemde fabrikanten van comics over superhelden waren er met lede ogen getuige van hoe hun oplages de afgelopen decennia tot een inmiddels dramatisch dieptepunt geslonken zijn. Het lijkt wel alsof de eens zo populaire strips in het internettijdperk hebben afgedaan en alleen nog maar interessant zijn voor jong gebleven veertigers en stoffige verzamelaars.
Om aan deze trend een einde te maken zijn de laatste tijd veel grote uitgevers van strips er noodgedwongen toe over gegaan om hun comics via het web beschikbaar te maken, om zo een breder en veelal jonger publiek te trekken. Sinds vorige week dinsdag is de collectie van het vermaarde Marvel Comics, een van de grootste en bekendste Amerikaanse uitgevers van stripboeken en op strip gebaseerde films, eveneens beschikbaar. Moederbedrijf Marvel Entertainment bestaat sinds 1939 en heeft in het verleden een enorme hoeveelheid aan strips en stripseries uitgebracht. ‘The house of ideas’, zoals het bedrijf liefkozend onder fanatici genoemd wordt, heeft tal van bekende strips en helden onder haar hoede waaronder Captain Marvel, Spider-man en X-men.

Op de site van Marvel zijn ongeveer 2500 edities van stripseries te vinden. Om toegang tot de collectie te krijgen moeten lezers echter eerst een maandabonnement afsluiten voor 10 dollar met een credit card. Het is, ondanks het grote aanbod, maar de vraag in hoeverre lezers hiervoor warmlopen aangezien op het web het publiek gewend is om niet te hoeven te betalen voor content. Bovendien zullen veel jongere klanten nog niet beschikken over de benodigde credit card, hetgeen de drempel eveneens verhoogt.

Dat het ook anders kan, bewijst het artikel in het tijdschrift Wired over Manga. Manga is onderdeel van de zogenaamde ‘pop-art culture’ en kent thans een veel breder publiek dan strips uit de Verenigde Staten. Manga strips zijn vandaag de dag nog altijd immens populair in Japan, al is de omzet uit de fysieke verkoop niet meer zo hoog als in de hoogtijdagen.
Het inspirerende aan het artikel in Wired is dat er in Japan op een andere manier dan in de Verenigde Staten met de alsmaar tanende omzet wordt omgesprongen; vooralsnog weten Manga uitgevers prima het hoofd boven water te houden.

Naast de traditionele uitgevers van Manga is er in de afgelopen jaren een hele productie-industrie ontstaan waarbij niet-professionals manga’s zijn gaan maken doordat zij bestaande verhaallijnen van originele stripverhalen en stripfiguren zijn gaan overnemen en verder hebben uitgewerkt. Deze namaakindustrie noemt men in Japan ‘dojishi’. Aanvankelijk waren de traditionele Japanse stripuitgevers niet blij met de namaakindustrie maar zij begrepen op tijd dat zij zich aan de tijdsgeest moesten aanpassen. In feite wordt het auteursrecht geschonden, maar dit wordt door de originele uitgevers van strips door de vingers gezien. Iets dat in de Verenigde Staten ondenkbaar zou zijn.

In het artikel in Wired komt naar voren dat Japanse manga-uitgevers hebben begrepen dat het namaken van de originele strip niet de oplages heeft verminderd maar juist heeft vergroot; er is een bredere afzetmarkt ontstaan. Bovendien wordt het gezien als een manier om nieuw talent te ontdekken en is het een goedkope manier van marktresearch om te achterhalen wat er leeft bij de lezers. De makers van de namaak manga’s zijn immers vaak ook de lezers van de originele verhalen. De duidelijke scheiding tussen producers en consumers, professionals en amateurs is aan het vervagen waardoor in feite een nieuwe, grotere afzetmarkt ontstaat.

Tussen de originele mangauitgevers en de ‘dojinshi’ bestaan wel stilzwijgende afspraken -an moku noryokai- zoals dat er niet te veel namaak ‘stories’ en ook geen grote oplages op de markt komen. In Japan wordt deze manier van omgaan met reproducties en namaak gezien als een businessmodel dat in de toekomst naar bijvoorbeeld Amerika zou kunnen overwaaien.

In het artikel wordt een link gelegd met Creative Commons. De auteur van het stuk in Wired is van mening dat de wijze waarop de belangen van alle partijen met elkaar in overeenstemming worden gebracht in Japan als een belangrijk leer-experiment beschouwd zou kunnen worden. De wijze waarop de Manga industrie zich heeft ontwikkeld buiten het beperkende auteursrecht zou zodoende ook kunnen bijdragen aan een bredere acceptatie van CC-licenties. Het is een wijze les voor Amerikaanse stripmakers, ze zouden eens naar het succes van de Manga strip moeten kijken, die ook in de Verenigde Staten erg populair aan het worden is!

No Comments »

Auteursrecht bedreigt bibliotheken

Martijn, 21 november, 2007

Zo voelt het in elk geval voor de FOBID Netherlands Library Forum. Het landelijke samenwerkingsverband van Nederlandse bibliotheekorganisaties presenteerde op 15 november het Manifest ‘Auteursrecht in Balans’. Het Manifest is een oproep om informatie toegankelijk te houden.

De bibliotheken maken zich steeds meer zorgen over de koers die (internationaal) gevaren wordt met betrekking tot auteursrecht. Digitalisering biedt uitgelezen mogelijkheden om informatie op nieuwe manieren te ontsluiten en te gebruiken. Maar de lobby naar de politiek lijkt juist de richting uit te gaan van meer beperkingen voor (her)gebruik. De bibliotheken willen daar nu een vuist tegen maken.

Het Manifest is hier te vinden.

No Comments »

Track 030: Een kunst om te delen

Martijn, 8 november, 2007

Dinsdag 13 november vindt in de nieuwe zaal van TUMULT het volgende Track 030: debat plaats met als centrale vraag: ‘Is auteursrecht nog te handhaven?’.

Met de komst van de verschillende vernieuwende websites en de diverse Web 2.0 toepassingen is het delen van foto’s, contacten, links, persoonlijke voorkeuren, etc. de normaalste zaak van de wereld geworden. Ook kunstenaars delen en samplen overvloedig. Ze stuiten hierbij regelmatig op de beperkingen die het auteursrecht met zich meebrengt.

Deze avond gaan presentatoren Ruben van Gogh, dichter en Paul Feld, Growing up in Public het gesprek aan met onder andere Martijn Arnoldus, Nederland Kennisland en Creative Commons, Meta Knol, conservator moderne kunst van het Centraal Museum; Bjorn Wijers, Simuze.nl, een open platform voor het delen van muziek en medeoprichter van Stichting Open Media; Eerde Hovinga, Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.

De avond wordt omlijst met film en beeld van HKUtv en een performance van Fabian Krausz, Erik Borra en Vincent Lindeboom.

Datum: dinsdag 13 november, 20.00- 21.30 uur
Locatie: TUMULT, Domplein 5, Utrecht
Meer informatie en reserveren: www.tumultdebat.nl / 0302332430

Track 030: is een initiatief van TUMULT, Growing up in Public, Centraal Museum, Hogeschool voor de Kunsten Utrecht en SJU. Een reeks over actuele cultuuronderwerpen in de stad. Zie ook www.track030.nl

Track 030 wordt mogelijk gemaakt door:
Fentener van Vlissingen Fonds & Prins Bernhard Cultuurfonds & VSB Fonds

No Comments »

Free Culture in het Nederlands

Paul Keller, 6 november, 2007

Het Initiatief Free Culture Nederland heeft het boek Free Culture van Professor Lawrence Lessig vanuit het Engels in het Nederlands vertaald. De Nederlandse vertaling is op de website van Free Culture Nederland als pdf te downloaden. Uit het persbericht van Free Culture Nederland:

Free Culture pleit voor een minder restrictief auteursrechtenbeleid en waarschuwt voor een toenemend bureaucratisch beleid ten koste van artistieke vrijheden. Het boek geeft een genuanceerd beeld vanuit een juridisch perspectief en maant aan tot een gulden middenweg tussen enerzijds artistieke vrijheden en anderzijds het beschermen van auteursrechten. Free Culture is mogelijk de juridische leidraad voor partijen met tegengestelde belangen in onze geïnformatiseerde samenleving.

De Nederlandse vertaling van Free Culture (onderteitel: ‘How Big Media Uses Technology and the Law to Lock Down Culture and Control Creativity’) is de 9e vertaling van het in 2004 verschenen boek van de oprichter van Creative Commons. Free Culture is onder een Creative Commons Naamsvermelding NietCommercieel licentie gepubliceerd die het maken en verspreiden van vertalingen (en andere afgeleide werken) vrij toestaat, mits dit zonder commerciële doelstelling gebeurt.

No Comments »